Gisteren 'Das Leben der Anderen' gezien op Canvas, en nog steeds een beetje onder de indruk. Een film die aan het denken zet, die zich vastzet in je hoofd. Over de onmenselijkheid van de stasi-praktijken en het belang om vrij te kunnen denken en schrijven natuurlijk. Over verraad en het belang van schoonheid en kunst als tegengif. Maar ook over... medeplichtigheid.

Wat de film zo pakkend maakt, is de worsteling van ieder van de hoofdpersonages met medeplichtigheid. Van Georg Dreyman als toneelauteur, die door zelfcensuur mag werken voor het DDR-regime, maar tegelijk verdachte is en geleidelijk kiest voor het verzet. Van zijn partner Christa-Maria Sielandt, die tegelijk minnares van de minister is en uiteindelijk tot informante van de Stasi wordt gedwongen. Maar het meest intrigerende was de evolutie van stasi-officier Gerd Wiesler. In het begin zien we hem als een medogenloze instricteur en ondervrager. Doorheen zijn afluisterpraktijken zien we zijn twijfel en zijn sympathie voor zijn afluisterobjecten groeien, tot hij uiteindelijk de auteur in bescherming probeert te nemen door het bewijsmateriaal te laten verdwijnen. De tragiek en het menselijke van HGW XX/7.

Worstelingen met medeplichtigheid aan het systeem. Het zou te gemakkelijk zijn om die vraag alleen maar een totalitaire regimes en stasi-praktijken te koppelen. Eigen aan de risicomaatschappij - schrijft de Duitse socioloog Ulrich Beck - is dat steeds meer mensen en organisaties risico's goedpraten en legitimeren waarvan we de impact amper of niet onder controle hebben. Of het nu financiƫle crisissen of klimaatcrisisssen zijn. Of neem de manier waarop we met armoede omgaan, als politici, als onderzoekers, als maatschappelijk werkers. Wanneer verdrukt de systeemlogica het individu? Het maakt 'Das Leben der Anderen' ook anno 2009 brandend actueel...