Hoe en wat we eten, bepaalt mee de klimaatopwarming, meer dan we zelf denken. En hoe ons voedsel wordt geproduceerd, bepaalt ook mee de smaak ervan én onze gezondheid. Als vervolg op haar klimaatplan en haar klimaatboek Klimaatplan werkte Groen! daarom een Ecologisch Voedselplan uit. Het toont aan hoe het mogelijk is om landbouw en voeding minder industrieel, vriendelijker voor het klimaat en gezonder voor mens en dier te maken. We hebben de overgang naar een ecologisch duurzame landbouw uitgezet op een tijdspad van nu tot 2020.

De krachtlijnen zijn duidelijk: een klimaatvriendelijke CO2-neutrale landbouw, minder voedselkilometers of voedsel ,dat de halve wereldbol rondvliegt, en dus voorrang voor streekproducten en een vermindering van de veebezetting, want minder Vlees = minder CO2. Groen! wil 20% biologische landbouw tegen 2020 en minder pesticiden in de gehele landbouw. Op langere termijn (tegen 2050) hebben we nog meer ambitie. Een landbouw die minder vervuilt, is dan niet voldoende. Tegen dan wil Groen! een landbouw die het leefmilieu en de natuur verbetert. Landbouw wordt dan “milieubouw”.

Het belangrijkste is voor mij mensen meer keuze te geven, en ze te overtuigen dat dit niet alleen het klimaat, maar ook de kwaliteit van ons eten ten goede komt. We zijn bourgondiërs of we zijn het niet. Maar eigenlijk is dat niet moeilijk. Op de markt kosten lokale asperges vandaag amper twee euro voor een halve kilo. En de eerste volle grond aardbeien komen er stilaan aan met deze overdosis zon. Lokaal en seizoensgebonden eten, het is om van te smullen…