'Onzekerheid. Over leven in de risicomaatschappij' nu herdrukt

Nieuwe commentaar toevoegen

Zopas is bij Acco de tweede druk verschenen van mijn boek 'Onzekerheid. Over leven in de risicomaatschappij.' Ook twee jaar na de eerste druk blijft het boek brandend actueel. Ondanks de crisis waren we nog nooit zo rijk als vandaag. Toch staat onzekerheid paradoxaal genoeg hoog op de agenda, maatschappelijk, politiek, sociaal, economisch en in de persoonlijke levens van mensen. Van de economische crisis tot de eigen job, van de klimaatopwarming tot de eigen gezondheid, van globalisering tot de migratie in de eigen straat of buurt: onzekerheid is alomtegenwoordig in een steeds sneller veranderende maatschappij.

Die veranderende maatschappij typeer ik met de Duitse socioloog Ulrich Beck als een mondiale risicomaatschappij. Dat blijft voor mij een verhelderend en vernieuwend kader om de vele veranderingen vandaag te begrijpen en te kunnen kaderen.

De nu al drie maanden durende olieramp in de Golf van Mexico staat (voorlopig) nog niet in het boek. Al is het een zoveelste voorbeeld van de overgang naar een risicomaatschappij, waarin steeds vaker technologie wordt gehanteerd die de samenleving nog niet, of niet meer onder controle heeft. De parallellen met de financiële crisis zijn vanuit dit oogpunt groter dan op het eerste zicht blijkt.

Meer informatie over het boek vind je hier.

Het boek is (opnieuw) te vinden in de boekhandel of bestelbaar bij uitgeverij Acco.

Autoverslaving

Nieuwe commentaar toevoegen

Nadat ik door de ochtendkoelte naar het station was gefietst, las ik vanmorgen op de trein in De Standaard dat de Vlaming tussen september 2008 en september 2009 gemiddeld 15.900 kilometer met de auto reed. Ter vergelijking: in 1996 was dat nog 13.000 kilometer per jaar, een stijging van 22 procent op veertien jaar tijd.

Vlamingen doen twee op de drie van alle verplaatsingen met de auto, een kwart slechts doen ze te voet of per fiets. Het openbaar vervoer nemen Vlamingen uiterst zelden: slechts in vijf procent van de gevallen. Alweer een punt waarop ik gelukkig geen doorsnee Vlaming ben…

In vergelijking met dezelfde periode een jaar eerder is het aandeel van de verplaatsingen die we te voet doen gedaald. En het aantal ritten met de auto is gestegen. De meeste verplaatsingen zijn bovendien erg korte autoritjes. Veertig procent van onze verplaatsingen blijft onder de drie kilometer.

Rustig op het werk aangekomen, hoor ik hoe er extra lange files staan op de E-40 en andere plekken omdat het wegdek door de hitte is omhooggekomen. En door teveel auto’s natuurlijk, vergeet men te vermelden... De afgelopen dagen werd de ozondrempel herhaaldelijk overschreden, door de warmte. En door teveel auto’s natuurlijk, vergeet men te vermelden... In de golf van Mexico lekt de olie nu al bijna drie maanden. Waarvoor hebben we nu ook weer zoveel olie nodig? Of waaromlukken we er onvoldoende in om de CO2-uitstoot terug te dringen, nochtans levensnoodzakelijk om de volgende generatie niet met klimaatopwarming op te zadelen?

In plaats van een ernstig beleid over duurzame mobiliteit, ging het dit weekend weer maar eens over de Vlaamse identiteit. Onze afhankelijkheid van auto’s en een gebrek aan beleid om onze olieverslaving te temperen hebben we alvast met Amerikanen gemeen.

Schaamteloze boycot regularisatie in Antwerpen

Nieuwe commentaar toevoegen

Zes maanden na het einde van de regularisatiecampagne moet de stad Antwerpen nog altijd de bulk van haar dossiers overmaken aan de Dienst Vreemdelingenzaken. Amper duizend dossiers kwamen al aan in Brussel, zesduizend liggen er nog in de wachtkamer. Dat meldde De Morgen vandaag, nadat Nahima Lanjri (CD&V) de laatste cijfers opvroeg bij de Antwerpse schepen Monica De Coninck.

Volgens De Morgen liggen van de 7.168 regularisatiedossiers nog meer dan 5.800 dossiers te wachten op een woonstcontrole door de lokale politie. Amper 1.117 dossiers werden al gecontroleerd door de politie. "Wij kunnen geen extra mensen inzetten voor deze woonstcontroles. De Antwerpse politie heeft nog een massa andere taken", probeert kabinet van OCMW-voorzitter Monica De Coninck zich te verdedigen. "De stedelijke diensten doen wat ze kunnen", luidt het. "Zonder bijkomend budget kunnen wij op enkele maanden tijd echt geen 8.000 mensen controleren." De stadsdiensten durven zelfs niet voorspellen wanneer alle woonstcontroles zullen uitgevoerd zijn. "Wij stellen onszelf geen deadlines", klinkt het op het stadhuis. "Het duurt zolang het duurt."

Naast de duizenden extra aanvragen door de collectieve regularisatie moet het Antwerps stadsbestuur ook nog de gewone aanvragen tot regularisatie onder de loep nemen. De laatste zes maanden stroomden er bovenop de zevenduizend aanvragen van de regularisatiecampagne nog eens 400 gewone aanvragen binnen.

Dat dit stadsbestuur de regularisatie niet genegen was, is een understatement. Maar door dergelijke sabotage – er is geen ander woord - vergroot men de sociale problemen in de stad alleen maar. Liefst 6.000 mensen moeten ondertussen overleven in deze stad, via zwartwerk, leningen van kennissen of voedselpakketten. Zij maken huisjesmelkers en matrassenverhuurders rijk. Ze geraken nog niet op een wachtlijst voor de lessen Nederlands. Ze mogen niet officieel werken. Denkt het stadsbestuur dat dit probleem verdwijnt door de dossiers te laten liggen? Of wil ze de bezuinigingen op de OCMW-begroting doorvoeren door de regularisatie te boycotten?

Je kan politiek van mening verschillen over de opportuniteit van de regularisatie. Je kan terecht pleiten dat de voorbije federale regering meer middelen voor steden had moeten voorzien. Maar meer dan 6.000 mensen in de illegaliteit in je eigen stad houden door hun dossier te blokkeren, dat is de schaamte voorbij. Dit stadsbestuur houdt sociale problemen in stand en hypothekeert zo de stadsontwikkeling van de wijken met veel nieuwkomers. Want door mensen waarvan een belangrijk deel papieren gaat krijgen nog vele maanden te laten overleven in armoede, help je niemand vooruit. In 2000 besefte het hele stadsbestuur dat nog, vandaag blijkbaar niemand meer in het stadhuis...

Misbruik tijdskrediet?

Nieuwe commentaar toevoegen

Na 13 juni zet het VBO de aanval in op tijdskrediet. “Te veel 50+ers maken ‘misbruik’ van tijdskredieten”, is het schot voor de onderhandelingsboeg van VBO-baas Pieter Timmermans. Merkwaardig toch: wanneer bedrijven in herstructurering 50-plussers ontslaan, maken ze ‘gebruik’ van brugpensioen. Maar wanneer werknemers zelf regulier gebruik maken van de bestaande maatregel van tijdskrediet, is dat voor het VBO ineens ‘misbruik’. Of hoe de strijd om woorden deel is van de sociale strijd.

Op basis van een foute lezing van de RVA-cijfers zouden er volgens het VBO zelfs meer 50-plussers in tijdskrediet zijn dan jonge moeders en vaders. Het VBO vergeet in zijn vergelijking gemakshalve het ouderschapsverlof.

Bovendien vergist Timmerman zich door te focussen op 50-plussers die deeltijds tijdskrediet opnemen. Juist door 4/5 of deeltijds te werken blijven vele mensen langer aan de slag. In heel wat beroepen en sectoren is voltijds werken tot je 65-ste niet haalbaar. In vele bedrijven ontbreekt het aan een leeftijdsbewust personeelsbeleid, dat oudere werknemers aan de slag laat blijven, mits aangepaste werkomstandigheden. Deeltijds tijdskrediet is er daar één instrument van. Ook het akkoord in de zorgsector na de witte woede uit 2000 leert hoe werknemers op oudere leeftijd het zware en (rug) belastende werk in crèches of ouderenvoorzieningen niet meer voltijds aankunnen. Om mensen langer actief te houden werden deze extra verlofdagen –met succes overigens- ingevoerd, om mensen langer aan de slag te houden.

Zouden werkgevers, in plaats van een culpabiliserende aanval op tijdskrediet in te zetten, niet beter meer mensen de kans te geven om langer te werken, maar op een werkbare manier. Dat vereist een visie op een leeftijdsbewust personeelsbeleid, met werk op maat en met ruimte om de arbeidsduur te verminderen wanneer nodig. Als langer werken nodig is, zijn er wel grenzen aan de draagkracht van mensen. Geen afbraak, maar juist de uitbouw van een tijdsbeleid is een noodzakelijke voorwaarde om meer mensen aan het werk te krijgen en te houden.

Eigen navel eerst?

Nieuwe commentaar toevoegen

Het belangrijkste land is het binnenland, was ooit de verkiezingsslogan van wijlen rechts-liberaal Ward Beysen. In de 20ste eeuw was er in Vlaanderen nog politieke commotie over zo’n slogan: verholen racisme en etnocentrisme heette het toen.Vandaag gaat het alleen nog maar over de inrichting van dat binnenland, de splitsing van BHV en het budget. Moest het nu nog een mooie navel zijn om zo naar te staren…

Er ontbreken cruciale thema’s in de media en in de campagne. Nog geen half jaar geleden mislukte de klimaattop in Kopenhagen. De opwarming gaat voort, ook als ze uit ons debat verdwijnt. Mag het zondag ook over onze rol gaan in het klimaatdebat de volgende jaren, zeker nu België voor zes maanden EU-voorzitter wordt?

Af en toe horen we iets over de megalek van het diepzee-olieboorplatform van BP in de Golf van Mexico. Nu al de grootste milieuramp in de geschiedenis van Amerika. Geen toevallig ongeluk, maar typisch voor het nakende einde van het olietijdperk: de gemakkelijk te ontginnen voorraden raken op. Toch ontbreekt een debat ten gronde over de overgang naar een post-fossiele economie.

Diezelfde goedkope olie was één van de factoren die de zeer snelle globalisering mogelijk maakte. Over de houdbaarheid of de wenselijkheid daarvan is er amper een politiek debat, toch niet in ons land. We koesteren de idee dat we meester zijn van onze economie, als België, zelfs als Vlaanderen. Tegen financiële crisissen of sluitingsplannen bij Inbev of GM in…

En als we dan toch naar het binnenland kijken, wie maakt er dan van de snel groeiende ongelijkheid en armoede een thema? Of durft nog voorstellen te doen over betere opvang én integratie van migranten en nieuwkomers in onze steden?

Hoe verder de campagne vordert, hoe enger de focus ligt op het communautaire, op het budget, op de klassieke economie. België en Vlaanderen plooien deze dagen terug op zichzelf. De media volgen politici in deze blikvernauwing, maar dragen er evengoed toe bij. Of heeft er al iemand een debat gehoord over de visie van partijen op buitenlands beleid, het Europees voorzitterschap of klimaat?

De vijf minuten politieke moed van Leterme leidde tot drie jaar bijna collectief navelstaren, met de dag intensiever. Het wordt hoog tijd om onze blik opnieuw te verruimen, zondag en de volgende jaren...